Praktische informatie

Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO)

Wmo betekent: Wet maatschappelijke ondersteuning. De wet wordt uitgevoerd door de gemeenten. Bent u door uw leeftijd, ziekte of aandoening beperkt in uw mogelijkheden, dan kunt u een beroep doen op ondersteuning vanuit de Wmo. De gemeente zorgt er voor dat u de ondersteuning krijgt die u nodig heeft om mee te kunnen doen. Dat kan een rolstoel zijn, een vervoershulpmiddel of een woningaanpassing maar ook hulp bij het doen van het huishouden. De gemeente noemt dit een voorziening. Een gemeente biedt onder de Wmo algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen aan. Een algemene voorziening is voor alle inwoners van een gemeente beschikbaar. Maatwerkvoorziening is persoonlijke hulp, wanneer algemene voorzieningen niet voldoende zijn. Informeer bij uw gemeente of u een maatwerk of algemene voorziening heeft.

Gemeenten mogen een eigen bijdrage vragen voor bepaalde voorzieningen. Sinds 2019 is voor maatwerkvoorzieningen een abonnementstarief ingesteld. Iedereen betaalt dan maximaal € 17,50 per 4 weken en er wordt niet meer gekeken naar inkomen of vermogen. Gemeenten kunnen een lagere eigen bijdrage vragen voor mensen met een lager inkomen. Voor algemene voorzieningen mag de gemeente een andere bijdrage vragen. Vanaf januari 2020 zal een deel van de algemene voorzieningen ook onder het abonnementstarief gaan vallen.

Samen tot oplossing komen
De gemeente kijkt altijd samen met u, en de mensen om u heen, naar wat u nodig heeft. Samen moet u dan tot de beste oplossing zien te komen. De gemeente beslist als laatste wat er gebeurd.
Hoe de Wmo in uw woonplaats is geregeld, kunt u navragen bij het Wmo-loket in uw gemeente of u kunt het lezen op de website van uw gemeente. In eerste instantie doet u een melding, dit kan door een gesprek te hebben bij het Wmo-loket. Ook kunt u vragen of mensen van het Wmo-loket bij u thuis komen. U kan altijd iemand bij dit gesprek meenemen die u helpt. In het gesprek bespreekt u uw problemen. Hieruit komt naar voren welke ondersteuning het beste bij u past. De Wmo-voorzieningen kunnen in overleg met u in verschillende vormen worden verstrekt, namelijk in natura (u krijgt het hulpmiddel in bruikleen), via een persoonsgebonden budget (u krijgt het bedrag wat u nodig heeft voor een voorziening en gaat die zelf kopen). Degene die een individuele voorziening nodig heeft volgens de gemeente, is vrij te kiezen in welke vorm hij of zij de voorziening wenst. De keuzevrijheid kent wel grenzen.

De gemeente beslist wat u krijgt
Na de melding moet de gemeente binnen 2 weken reageren met een passend antwoord. Dit kan betekenen dat een aanvraag wordt ingediend of dat er bijvoorbeeld gebruik kan worden gemaakt van een algemene voorziening of alternatief. Als de aanvraag voor ondersteuning vanuit de WMO is ingediend, neemt de gemeente binnen 6 weken een beslissing. De beslissing krijgt u in een officiële brief thuisgestuurd. Dit heet ‘beschikking’. Bent u het niet eens met de genomen beslissing dan kunt u via een brief officieel ‘bezwaar maken’. De mensen van het Wmo-loket kunnen u uitleggen hoe dit moet. U kunt ook aan de organisatie MEE (kijk voor de mogelijkheden op www.mee.nl) vragen om te helpen bij het bezwaar maken. Daarnaast zijn er nog diverse andere organisaties die u kunnen steunen. Te denken valt aan gehandicaptenorganisaties en ouderenbonden.

Regelhulp
Als uw gemeente deelneemt aan Regelhulp, kunt u via www.regelhulp.nl Wmo-voorzieningen aanvragen of u aanmelden voor een gesprek met een consulent van het Wmo-loket van uw gemeente. Door het invullen van uw postcode kunt u op de website zien of uw gemeente hierbij is aangesloten.